Vitamine C bij roodlichttherapie: neem je het voor of na je sessie?

In de Verenigde Staten is de combinatie van roodlichttherapie en vitamine C in korte tijd een vast onderdeel geworden van wellnessklinieken en thuisroutines. De redenering erachter is overzichtelijk: beide ondersteunen de collageenaanmaak en de bescherming van je cellen, dus samen zouden ze elkaar versterken. Over één vraag lopen de adviezen echter uiteen: neem je vitamine C vóór of ná je sessie? Het antwoord hangt af van de vorm waarin je vitamine C gebruikt, de dosis en wat je met de behandeling wilt bereiken.

Hoe vult vitamine C roodlichttherapie aan?

Beide grijpen in op dezelfde processen in je lichaam, elk vanuit een andere kant. Bij roodlichttherapie absorberen de mitochondriën in je cellen rood en nabij-infrarood licht, waarna ze efficiënter energie aanmaken. Daarbij ontstaat kortstondig een verhoogde hoeveelheid vrije radicalen. Die piek is functioneel: hij geeft je cellen het signaal om herstelprocessen in gang te zetten.

Vitamine C speelt op twee manieren een rol in datzelfde proces. Als wateroplosbare antioxidant neutraliseert het vrije radicalen zodra die hun werk hebben gedaan. Daarnaast is vitamine C onmisbaar voor de enzymen die collageen stabiel opbouwen. Zonder voldoende vitamine C kan je lichaam geen stevig collageen maken, hoe sterk de prikkel om het aan te maken ook is. Het licht levert zo de stimulans en vitamine C een deel van het bouwmateriaal.

Via de huid, via de mond of via een infuus: maakt de route uit?

De route bepaalt waar vitamine C terechtkomt en in welke hoeveelheid. Daar komen de uiteenlopende adviezen dan ook vandaan. Het meeste advies online gaat over een vitamine C-serum in combinatie met een ledmasker of paneel voor het gezicht. Een serum werkt alleen lokaal, in de huid waar je het aanbrengt. Pure vitamine C (L-ascorbinezuur) is bovendien instabiel en oxideert onder invloed van licht, lucht en warmte.

Vitamine C die je inneemt, bereikt je hele lichaam. De opname via de darmen is wel begrensd. Na inname duurt het enkele uren voordat de waarde in je bloed haar hoogste punt bereikt. Met een infuus omzeil je de darmen volledig en komt vitamine C direct in je bloedbaan. Bij Feel Good Care is vitamine C onderdeel van de gezondheidsinfusen.

Omdat een roodlichtbed je hele lichaam belicht, is een serum alleen relevant voor je gezicht. Voor het effect op de rest van je lichaam draait de vraag om vitamine C via de mond of via een infuus.

Vitamine C vóór je sessie: de voor- en nadelen

Wie vitamine C vóór de sessie gebruikt, zorgt dat antioxidanten al aanwezig zijn op het moment dat het licht de vrije radicalen doet toenemen. Aanbieders van serums voegen daaraan toe dat het licht de opname van het serum zou verbeteren, al is dat voor gewone ledlampen niet aangetoond.

Voordelen

  • Antioxidanten zijn beschikbaar op het moment dat de vrije radicalen ontstaan.
  • Bij orale inname enkele uren van tevoren valt de piek in je bloed samen met de belichting.

Nadelen

  • Een serum of crème op de huid kan een deel van het licht tegenhouden.
  • Een hoge dosis antioxidanten kan het herstelsignaal van het licht deels dempen.
  • Vitamine C in een serum verliest onder invloed van licht en warmte aan werkzaamheid.

Vitamine C ná je sessie: de voor- en nadelen

Het tweede protocol laat het licht eerst ongehinderd zijn werk doen. De huid is schoon, het herstelsignaal krijgt ruimte en daarna volgt vitamine C om het herstel en de opbouw van collageen te ondersteunen. Fabrikanten van roodlichtpanelen adviseren daarom meestal deze volgorde.

Voordelen

  • Het licht bereikt de huid zonder barrière van een serum of crème.
  • Het herstelsignaal van de vrije radicalen wordt niet direct geneutraliseerd.
  • Vitamine C is beschikbaar op het moment dat de collageenaanmaak op gang komt.

Nadelen

  • Tijdens de sessie is er minder extra antioxidantbescherming, wat zwaarder weegt als je voedingsstatus laag is.
  • De gedachte dat een pas belichte huid een serum beter opneemt, is niet onderbouwd.

Wat betekent het onderzoek voor jouw keuze?

Een studie die beide volgordes rechtstreeks vergelijkt, bestaat nog niet. Onderzoek naar vitamine C zelf maakt wel duidelijk bij welke vorm de timing ertoe doet en bij welke niet. Drie bevindingen zijn daarbij van belang.

De eerste gaat over tabletten en voeding. Onderzoek van de Amerikaanse National Institutes of Health liet zien dat je bloed bij een inname van enkele honderden milligrammen per dag vrijwel verzadigd raakt. Wat je daarboven inneemt, neemt je lichaam steeds minder goed op en scheidt het grotendeels weer uit. Een extra tablet vlak voor je sessie verhoogt je bloedwaarde daardoor nauwelijks. Bij orale vitamine C telt vooral of je status structureel op peil is. Het moment rond de sessie speelt dan een ondergeschikte rol.

De tweede gaat over infusen. Met een infuus bereik je bloedwaarden die tot enkele tientallen keren hoger liggen dan met de hoogste orale dosis haalbaar is. Die waarden zakken binnen enkele uren weer terug. Het moment van toediening bepaalt daardoor direct hoeveel vitamine C er tijdens en na de belichting in je bloed zit. Juist bij die hoeveelheden kan vitamine C het korte herstelsignaal van het licht wegvangen. Bij een infuus is de timing dus wel een serieuze afweging.

De derde bevinding onderbouwt waarom die afweging zinvol is. In sportonderzoek remde een dagelijkse dosis van 1000 milligram vitamine C, gecombineerd met vitamine E, de aanmaak van nieuwe mitochondriën die training normaal gesproken op gang brengt. Een Noorse studie uit 2014 zag dat onder meer een onderdeel van cytochroom c-oxidase minder toenam, het enzym dat bij roodlichttherapie het licht opvangt. Het uithoudingsvermogen van de deelnemers verbeterde wel even sterk. Of hetzelfde mechanisme optreedt bij roodlichttherapie, is nog niet onderzocht. De overlap in het mechanisme is groot genoeg om bij hoge doses ruimte te laten tussen belichting en toediening.

Voor serums geldt een aparte les. Vitamine C dringt alleen goed door de huid bij een zure formulering en een concentratie tot ongeveer twintig procent. Hogere concentraties leveren geen extra opname op. Het effect van een serum hangt daarom meer af van een stabiele, goed geformuleerde samenstelling dan van het moment waarop je het aanbrengt.

Hoe stem je dit af op jouw situatie?

Bij Feel Good Care bepalen we per patiënt welk protocol past. Drie factoren wegen daarin mee.

Het eerste is je doel. Gaat het om je gezichtshuid, dan ligt een serum na de sessie voor de hand, op een schone huid die het licht onbelemmerd heeft ontvangen. Staan herstel en energie centraal, dan is je vitamine C-status in je hele lichaam belangrijker dan een lokaal product.

Het tweede is je uitgangssituatie. Heb je een tekort, dan kan de combinatie meer opleveren, omdat je lichaam de prikkel van het licht anders mogelijk onvoldoende kan benutten. Via orthomoleculaire geneeskunde kun je je voedingsstatus laten onderzoeken, zodat de keuze berust op meetwaarden in plaats van aannames.

Het derde is de dosis. Hoe hoger de dosis, hoe zwaarder het herstelsignaal meeweegt in de keuze voor het moment. Bij een infuus maakt de arts die afweging daarom samen met jou. Een hoog gedoseerd vitamine C-infuus is bovendien niet voor iedereen geschikt, bijvoorbeeld bij bepaalde nier- of stofwisselingsaandoeningen. Daarom gaat er altijd een medische beoordeling aan vooraf.

Roodlichttherapie en vitamine C combineren?

Wil je weten hoe roodlichttherapie en vitamine C in jouw situatie het beste samengaan? Neem contact met ons op, dan bespreken we welke combinatie en welke volgorde bij je doelen passen.

    Gratis 15-minuten informatiegesprek





    Deel dit artikel

    Gerelateerde Artikelen